Google DeepMind heeft van de Interaction API de standaardinterface gemaakt voor zijn Gemini-modellen en -agenten, waarmee een verschuiving wordt voltooid ten opzichte van de oudere `generateContent`-interface die de ontwikkeling van Gemini heeft verankerd sinds de modellen voor het eerst werden uitgebracht. Deze stap, aangekondigd op de ontwikkelaarsblog van Google op 26 juni, verheft een API die sinds december 2025 in bèta is, tot de belangrijkste manier waarop ontwikkelaars naar verwachting op Gemini zullen voortbouwen.

De oudere 'generateContent'-interface functioneert nog steeds, benadrukt Google, dus bestaande applicaties zullen niet van de ene op de andere dag kapot gaan. Maar het bedrijf trekt nu een duidelijke lijn: nieuwe agentmogelijkheden worden in de toekomst alleen via de Interactions API verzonden. Voor meer context over dit verhaal, zie ons meer AI-verhalen.

> "Interacties vormen de basis voor het nieuwe tijdperk van agenten."
>
> — Logan Kilpatrick, hoofd ontwikkelaarsrelaties bij Google

Google heeft een migratiegids gepubliceerd om ontwikkelaars te helpen de vorige interface te verlaten, en de nieuwe API is nu de standaard binnen Google AI Studio en in alle officiële Gemini-documentatie.

Wat de interactie-API verandert

De belangrijkste verandering is structureel. De vorige interface organiseerde gesprekken rond rollen (labels als 'gebruiker' en 'model') en weerspiegelde het vertrouwde chatformaat dat de meeste grote taalmodel-API's gebruikten. De Interactions API vervangt die op rollen gebaseerde structuur door getypeerde stappen, waarbij elke actie, van de invoer van een gebruiker tot een functieaanroep tot een modelantwoord, zijn eigen expliciet gedefinieerde stap is.

Het resultaat is volgens Google een schema dat beter geschikt is voor complexe workflows van agenten dan voor eenvoudig heen en weer chatten. Agenten moeten routinematig tooloproepen aan elkaar koppelen, op de achtergrond draaien en vertakken op basis van tussentijdse resultaten: patronen waarmee het oude, op rollen gebaseerde gespreksmodel onhandig omging.

Ingebouwde agentprimitieven

Sinds de bèta eind 2025 van start ging, heeft de Interactions API een reeks functies verzameld die Google positioneert als eersteklas bouwstenen voor agenten:

  • Managed Agents die in hun eigen Linux-sandbox draaien, waardoor ontwikkelaars een geïsoleerde omgeving hebben voor het uitvoeren van door agenten gegenereerde code en opdrachten.
  • Uitvoering op de achtergrond voor langlopende taken, waardoor agenten asynchroon kunnen blijven werken in plaats van een enkel verzoek te blokkeren.
  • Tool chaining met Google Zoeken en Google Maps ingebouwd, zodat agenten realtime informatie en locatiegegevens kunnen ophalen zonder dat ontwikkelaars die integraties handmatig hoeven uit te voeren.
  • Mediageneratie voor afbeeldingen, muziek en spraak, waardoor één agentinterface multimodale uitvoer kan produceren.

Google heeft sinds de bèta ook delen van het schema vereenvoudigd, waardoor de wrijving die early adopters hadden opgemerkt, werd weggenomen.

Flex- en prioriteitsmodi

Ontwikkelaars die voortbouwen op de Interactions API kunnen kiezen tussen twee uitvoeringsmodi. De Flex-modus verlaagt de kosten met ongeveer 50 procent, waarbij enige latentie wordt ingeruild voor goedkopere gevolgtrekkingen – handig voor groot volume of achtergrondwerk. Prioriteitsmodus optimaliseert in plaats daarvan de snelheid en routert verzoeken voor de snelste respons.

De kostenhefboom is voor Google concurrerend van belang. Enterprise AI-uitgaven zijn een centrale zorg geworden in de hele sector, waarbij bedrijven de tokenkosten steeds meer onder de loep nemen naarmate het gebruik van modellen toeneemt. Het aanbieden van een kostenbesparingsmodus van 50 procent geeft Gemini-ontwikkelaars een concrete manier om rekeningen binnen de perken te houden zonder het platform te verlaten.

Waarom de verschuiving ertoe doet

De transitie weerspiegelt een bredere verschuiving in de sector van chat-interfaces naar agent-interfaces. Waar vroege LLM-producten werden ingekaderd als gespreksassistenten, is de huidige golf van ontwikkelaarstools opgebouwd rond autonome en semi-autonome agenten die taken in meerdere stappen uitvoeren in verschillende tools en services.

Door de Interactions API tot de standaard te maken – en nieuwe agentfuncties exclusief daarvoor te reserveren – duwt Google zijn hele ontwikkelaarsbasis naar een infrastructuur die is ontworpen voor die agentische toekomst. Ontwikkelaars die op 'generateContent' blijven, zullen de compatibiliteit behouden, maar zullen geleidelijk aan nieuwe mogelijkheden missen.

De verandering komt naarmate de concurrentie om de agentenlaag toeneemt. Anthropic heeft zich met zijn Claude Code- en Claude Tag-producten op de agentinfrastructuur gericht, OpenAI blijft zijn mogelijkheden voor agent- en computergebruik uitbreiden, en open-sourceframeworks vermenigvuldigen zich. Google gokt erop dat het bezitten van de ontwikkelaarsinterface – en niet alleen het onderliggende model – doorslaggevend zal zijn als agentische applicaties in productie gaan.

Google heeft geen einddatum aangekondigd voor de `generateContent`-interface, maar de duidelijke richting is dat de Interactions API nu de weg voorwaarts is voor iedereen die op Gemini voortbouwt.

---

Blijf Voorop met AI

Het laatste AI-nieuws, analyses en doorbraken — allemaal op één plek.

Lees meer AI-nieuws →